Met welke vragen komen mensen bij mij als loopbaancoachPersoonlijke coaching IDcoach

  • “Ik moet er niet aan denken om dit tot aan mijn pensioen te doen.”
  • “Ik heb het gevoel dat ik niet verder kan groeien binnen de organisatie.”
  • “Ik weet niet wat ik wil. Ik weet wel wat ik niet meer wil. “
  • “Ik liep de hele dag te huilen. Zo ken ik mezelf helemaal niet. Er moet iets veranderen.”
  • “Ik wil graag weten of mijn werk nog bij me past of dat iets anders beter bij me past.”
  • “Ik wil graag weten welke mogelijkheden ik nog meer heb.”
  • “De samenwerking loopt stroef. Ik wil graag leren hoe ik het anders kan doen.”
  • “Ik kan me niet meer vinden in de visie en de cultuur van de organisatie. Wat moet ik doen?”
  • “Ik ervaar veel stress van alles wat er van me gevraagd wordt in mijn werk. Ik voel me vaak overweldigd.”
  • “Ik wil graag weten of deze medewerker geschikt is voor deze nieuwe functie.”
  • “De relaties in mijn team zouden beter kunnen. Hoe kunnen we de communicatie verbeteren?”

 

Er zijn vaak drie elementen die een rol spelen in deze vragen

  1. Autonomie – De ruimte die je ervaart om je werk op je eigen manier uit te kunnen voeren.
  2. Competentie – De mate waarin je enerzijds je kundigheid kunt inzetten en je functie goed kunt uitvoeren en je je anderzijds nog kunt ontwikkelen en voldoende uitdaging ervaart.
  3. Relaties – De kwaliteit van de relaties met de leidinggevende, collega’s en voor sommigen klanten.

 

Het houdt je vast of zet je aan om te gaan

Deze drie elementen kunnen je zowel vasthouden in een baan of organisatie of er juist voor zorgen dat je weggaat. Laat ik wat voorbeelden geven van dingen die klanten tegen me gezegd hebben. Wellicht herken je jezelf erin.

“Ik heb zoveel vrijheid en krijg zoveel kansen om me te ontwikkelen. Ik ben bang dat ik dat ergens anders niet meer krijg. Dus ook al zie ik mezelf hier echt niet nog vijf jaar werken… Ik vind het toch moeilijk om weg te gaan.” Of: “Vroeger had ik nog voldoende tijd om echt even te kunnen zitten en praten met mijn klanten, maar nu moet het allemaal steeds sneller. Vooral de administratieve rompslomp staat me steeds meer tegen en kost me bergen met tijd. De werkdruk wordt me te veel.”

“Ik vind het nog steeds een mooie werkplek en organisatie. Alleen op mijn functie zelf, daar ben ik wel op uitgekeken. Het is allemaal een beetje van hetzelfde. Ik ken het kunstje zo langzamerhand wel. Ik mis de uitdaging.”

“Het is dat ik zulke leuke collega’s heb, anders was ik allang vertrokken.” Of juist andersom: “Ik vind mijn werk en de collega’s nog steeds heel leuk, maar ik kan absoluut niet omgaan met mijn nieuwe leidinggevende.”

 

Dus vraag jezelf eerlijk af:

  1. Ervaar je voldoende vrijheid om je werk uit te voeren op jouw manier.
  2. Voel je je voldoende competent in je functie? Hoeveel doe je inmiddels op routine en hoeveel uitdaging ervaar je nog?
  3. Hoe ervaar je de relaties op je werk?

Zijn dit elementen waarom je zou moeten blijven of juist weggaan? Of kun je er nog iets aan veranderen?